Het debacle over de toewijzing van 5G-licenties zorgde vorige week terecht voor heel wat onbegrip vanuit de zakenwereld. Dat een ontgoochelde Minister van Digitale Agenda straks de politiek voor de privésector ruilt, versterkt de ironie. Nu het stof wat komt neerdwarrelen, is er ook wat tijd voor reflectie. De toestand is ernstig maar niet hopeloos. 5G mag er snel komen maar in de hele discussie mogen we niet de fout maken om het internet of things enkel een verre toekomst toe te schrijven.

De grootste vernieuwing van 5G ten opzichte van de huidige 4G telecommunicatienetwerken is dat het een grotere gegevensdoorvoer mogelijk maakt, met bovendien minder vertraging (latentie, in vakjargon). Dat opent gigantische perspectieven voor datagulzige toepassingen zoals slimme wagens of robotchirurgie op afstand. Dat lukt vandaag nog niet zo goed. Slimme vliegtuigmotoren van Bombardier produceren 10 gigabyte per seconde, dat krijg je met de huidige netwerken niet vlot doorgestuurd. Bij robotchirurgie is de gegevenstransfer misschien kleiner, maar is vertraging ontoelaatbaar.

IoT-trein al op de rails

5G biedt die technische capaciteiten wel en het betekent allicht de definitieve doorbraak van IoT op grote schaal. Toch is de trein van het internet of things al lang vertrokken. Terwijl we op verschillende niveaus ruzie maken over 5G, sturen vele honderdduizenden sensoren vandaag al data over het internet, naar elkaar of naar slimme software. Er zijn volgens Orange Belgium zo'n 2,5 miljoen koppelingen in ons land.

Delen

Het Internet of Things heeft 5G niet nodig

In Antwerpen zijn riolen, waterleidingen en verkeerslichten al uitgerust met zo'n sensoren. Die houden respectievelijk waterpeil, waterdruk en verkeersdrukte in de gaten. Stijgt het waterpeil in riolen, krijgen beheerders bericht om de kadesluizen te sluiten. Slimme verkeerslichten weten dan weer wanneer er weinig of veel verkeer is en hoe ze de doorstroming kunnen regelen. Het Agentschap Wegen en Verkeer heeft er in 2018 zo'n 200 geïnstalleerd.

Aan consumentenzijde blijkt 1 op 5 Vlamingen met een slimme wearable rond te lopen, vooral smart watches, lezen we in imecs jaarlijkse Digimeter. Bij bedrijven is het internet of things vandaag vooral populair in industriële middens. Dankzij sensoren kunnen ondernemingen onder meer voorspellen wanneer onderhoud van hun analoge machines nodig is en zo pannes vermijden.

Niet altijd 5G nodig

Voor al die toepassingen hebben we 5G vooralsnog niet nodig. De informatie zit verpakt in zulke kleine datapakketjes dat zelfs 2G, de communicatiestandaard van de sms, volstaat. Of de niet-cellulaire vorm ervan: low-powernetwerken, zoals Sigfox of LoRa (long range). Die lijken wel op 2pk'tjes in vergelijking met de 5G-bolides, maar ze bieden ruimschoots voldoende bandbreedte voor bijvoorbeeld asset tracking op bouwwerven. Zo weten bouwbedrijven perfect waar hun dure bouwmateriaal zich bevindt.

Dan speelt noch het verhaal van snelle doorvoer, noch van latentie: we willen graag weten waar de dure boormachine zich bevindt, maar dat hoeft niet in realtime. 5G verbruikt ook meer energie, waardoor pakweg zware boormachines door grotere batterijen nog zwaarder zouden worden. Om over na te denken, al is de energiegulzigheid van 5G een ander debat.

We zijn helemaal niet klaar voor 5G

5G zit in België dus even op een wat langere baan. Voor het imago en innovatievermogen van ons land is het een streep door de rekening. Operationeel is het maar beter zo: mocht 5G er morgen zijn, weinig bedrijven zouden er de vruchten van kunnen plukken. We hebben slimme fietsen en slimme energiemeters, maar verder investeren we in ons land te weinig in anything smart. Ook de zelfrijdende wagen zal geen Belg zijn.

Hoe komt dat? Het internet of things stuwt bedrijven naar een ander zakenmodel. Het inkomstensysteem is veeleer gebaseerd op resultaat: het product is ondergeschikt aan de dienst. Die aanpassing schrikt af. Met 5G zal het internet of things allicht fors versnellen. Tot dan bieden de huidige netwerken verschillende industrieën meer dan voldoende mogelijkheden om IoT uit te testen. An sich heeft het internet of things 5G niet nodig.